26 november 2017

Harrie Verdom (ik): #nomoremetoo, III

Alvorens verder te gaan met de lotgevallen van vertrouwenspersoon Sjaak Kroon c.s., keren we nogmaals terug naar mijn gewraakte column. We zagen dat pas in de laatste 144 woorden de academie in beeld kwam. Dat moeten wel 144 verschrikkelijke woorden geweest zijn, want ze gaven aanleiding tot de volgende karakterisering door ons College van Bestuur (CvB): “De inhoud van de column past niet bij de manier waarop wij binnen onze universiteit met elkaar willen omgaan. Tilburg University hanteert een beleid waarin respect, diversiteit en professionaliteit centraal staan. Het college hecht eraan dat men deze organisatie als een veilige en gezonde werkomgeving ervaart.” Deze opmerkingen waren niet aan mij gericht, want naar mij toe zag het CvB immers geen aanleiding te reageren, maar aan Sjaak Kroon c.s.. Lees met mij mee in mijn column en zie of bij mij “respect, diversiteit en professionaliteit” niet centraal staan. Ik schrijf: “Gelukkig zijn we in de academische wereld wat onderkoelder, minder hyper-epidemisch dan in de kunstwereld. Inderdaad, universiteiten hebben vertrouwenspersonen in dienst waar studenten en medewerkers zich met hun klachten kunnen melden.” Wat ik uit deze zin lees, is dat het instituut van vertrouwenspersonen is opgericht om met vormen van misbruik en intimidatie op de academie om te gaan. Toen ik dat schreef, wist ik natuurlijk nog niet dat vertrouwenspersoon Sjaak Kroon van de TiU zich, geheel niet vertrouwelijk, openlijk tegen een collega (mij dus) zou opstellen. Mag ik dan, tenslotte, de laatste 113 woorden van mijn column samenvatten als een pleidooi om op de academie geen metoo-campagnes te voeren. Kennelijk is het CvB van mening dat we die wel degelijk moeten voeren op de universiteit om “deze organisatie als een veilige en gezonde werkomgeving” te ervaren. Vindt het CvB dat omdat het vertrouwenspersoon Sjaak Kroon niet vertrouwt? (hier is het begin van deze discussie; ga hier verder)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten