11 mei 2018

Harrie Verbon (docent en emeritus UvT): Colleges over de EvO, X

We zijn bij college 10 in de cursus over de economie van de overheid (zie hier voor het begin van de colleges 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 en 9). Dit college gaat over de theorie van verzekeringen en is een voorbereiding op college 11 dat zal gaan over real-world zorgverzekeringen. Voor de studenten die dit vak Economie van de Overheid (of eigenlijk: Public Sector Economics) volgden, had verzekeringstheorie bekende stof moeten zijn van een vak dat ze eerder gehad hadden, maar kennelijk hadden zij zich de theorie nog niet helemaal eigen gemaakt. Tijdens de colleges leidde ik de belangrijkste conclusies van de verzekeringstheorie met informatie-symmetrie nog eens af en heb zelden het commentaar gehad dat dit allemaal al bekend en dus saai was. Informatie-asymmetrie wil hier overigens zeggen dat verzekeraars minder informatie hebben over de verzekerden dan de verzekerden zelf. De verzekeraars weten niet of de verzekerden hoge of lage schadelast met zich brengen en ook niet of verzekerden veel risico nemen (die dus tot hogere schadelast zou kunnen leiden). Voor de verzekeraar is dat ongemakkelijk, want hij zou zomaar klanten kunnen krijgen met hogere schadelasten dan verwacht, zodat faillissement dreigt. Verzekeraars zullen dus proberen mensen met hogere dan gemiddelde schadelast (de hoge ofte wel slechte risico’s) buiten te sluiten of in ieder geval te identificeren. Een interessante conclusie van de theorie is dat het invoeren van eigen betalingen in de polis een goede methode is de slechte risico’s op het spoor te komen. Voor hoge risico’s zijn eigen betalingen namelijk onvoordelig en zullen dergelijke polissen dan ook niet aanschaffen. Wie deze polis wel aanschaft is dan dus een laag risico’s. De hoge risico’s krijgen dan alleen nog polissen met weliswaar volledige dekking, maar ook een torenhoge premie. (Hier begint het college

Geen opmerkingen:

Een reactie posten