21 januari 2018

Kate Raworth: “Maak een donut en redt de wereld, V”

Onder de positieve benadering van de economie wordt uitgezocht hoe de wereld in elkaar steekt. Deze benadering doet geen uitspraken over wat mensen willen of moeten nastreven. De theorie gaat er wel van uit dat mensen hun eigen doel zo doelmatig proberen te bereiken. Leidt dat tot maximale economische groei, zoals Rahworth aanneemt? Niet noodzakelijk, want men kan ook gelukkig worden van zo veel mogelijk vrije tijd in plaats van zoveel mogelijk consumptiegoederen. Wil men desondanks toch maximale consumptie? Ook goed, daar heeft de theorie geen moreel oordeel over. Kate Raworth beweert in haar boek Doughnut Economics dat de economische theorie ervan uitgaat dat mensen altijd meer willen consumeren. Deze theoretische aanname impliceert vervolgens, aldus Raworth, dat voortdurende economische groei nodig is om het welzijn van mensen op peil te houden. Hier haalt Raworth eerstejaars micro-economie en macro-economie door elkaar. Volgens de micro-economische theorie van het consumentengedrag zal bij een toename van het individuele inkomen een mens meer willen hebben van alle goederen die zij al heeft en zal, als zij er in slaagt om meer goederen te krijgen, haar welzijn toenemen. Hoewel het hier over ‘toename van het inkomen’ gaat, heeft dit toch weinig met economische groei te maken. De (micro) theorie gaat er namelijk vanuit dat het aantal goederen gegeven is en bekijkt dan de (hypothetische) situatie hoe een mens zou kiezen uit die aanwezige hoeveelheid goederen als zij een hoger inkomen zou hebben. Dit is dus een statisch uitgangspunt: stel dat de wereld niet verandert en toch het inkomen van een mens toeneemt. Dan wil ze van alles meer en zal haar welzijn toenemen. Dat ‘alles’ echter is een onveranderlijk gegeven. Als ‘alles’ niet gegeven is, maar bijvoorbeeld is toegenomen door economische groei, weten we niet meer zo zeker dat mensen een toename van hun welzijn ervaren. (verder lezen)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten