11 juni 2016

Zeger Wijnans (40 jaar onderwijsdirecteur?): is gelukkig met pensioen

Als docent aan een universiteit hoef ik niet de hele dag voor de klas te staan zoals docenten bij andere schooltypen. Ik benijd ze niet. Als ik twee uur les heb gegeven, ben ik zo uitgeput dat ik zeker een uur niets nuttigs meer kan doen. Als je 27 uur les moet geven, zoals dat bij een voltijds onderwijsbaan vaak het geval is, zou ik daar dus direct 13,5 niet productieve uren aan moeten toevoegen. Tussenuren (waar docenten vaak mee geconfronteerd worden) zouden voor mij een must zijn. Dan ben ik dus al 40,5 uur onder de pannen. Dan heb ik nog geen les voorbereid (minstens 20 minuten per lesuur, ofte wel 9 uur per week), nog geen leerling of ouder gemaild die wat van mij wil (een hoger cijfer, betere lessen: laten we zeggen 1 uur per week), en ook nog geen proefwerk nagekeken (3 uur per week). Dan zou ik op 53,5 uur per week zitten x 38 lesweken, geeft: 2033 uur per jaar, terwijl 1700 ongeveer het maximum is. Oud leraar/directeur Zeger Wijnans heeft, achter zijn pensionado geraniums, ook zo’n berekening gemaakt die zelfs De Volkskrant van 10 juni jl. haalde. Hij berekende: 27 lesuren (van 50 minuten) zijn 22,5 uren. Als je daarnaast iedere dag 4 uur aan andere taken besteedt, kom je uit op 42,5 lesuren per week, of 1615 uur per jaar. Kortom, het onderwijs is een luizenbaan. Ja inderdaad, als docenten in hun eigen tijd naar het klaslokaal moeten lopen, kan ik ook tot de conclusie komen dat docenten niet moeten klagen. Wijnans is vast het grootste deel van zijn leven onderwijsdirecteur geweest die de zweep over zijn docentenkorps legde. Hij beschouwt onderwijs als lopendebandwerk. Gelukkig is hij inmiddels met pensioen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen