05 oktober 2015

Peter de Waard (De Volkskrant): Economen als roeptoeters, I

Peter de Waard schrijft iedere dag een column in De Volkskrant over een economisch onderwerp. Een hele prestatie, vooral ook omdat hij daarnaast nog in dezelfde krant over economisch nieuws schrijft. Een zeer productieve journalist dus, met de nodige kritiek op de wetenschappelijke economie-beoefening. Zo schreef hij op 2 oktober jl: “Sinds het einde van de 19de eeuw is getracht van de economie een exacte wetenschap te maken met behulp van wiskunde en statistiek. Maar die modellen deugen niet.” Ja, die modellen zijn natuurlijk de modellen van de ‘marginale revolutie’ in de economie. Tegen het eind van de 19de eeuw begonnen economen een onderscheid te maken tussen totaal nut en marginaal nut. Het marginaal nut van bijvoorbeeld een brood is de extra bevrediging die je krijgt van een extra brood. De hoogte van dat marginale nut hangt af van hoeveel je broden je al hebt. Als je al 20 broden in de kast hebt liggen, zal het marginale nut van een extra brood niet erg groot zijn, maar als dat extra brood je eerste brood is, zal je er erg blij mee zijn: het marginale nut van dat brood is hoog. Als het marginale nut van dat brood hoog is, zal je er ook meer voor willen betalen dan als het marginaal nut laag is. Bij 20 broden in de kast geef je geen cent voor nog meer brood dat je waarschijnlijk toch moet weggooien. En inderdaad, je kunt met wat simpele redeneringen laten zien dat de prijs van een goed bepaald wordt door het marginale nut. Daardoor begrijpen we nu dat diamanten veel duurder zijn dan flesjes water, terwijl we best wel zonder diamanten maar niet zonder water zouden kunnen. Dat inzicht heeft niet zo veel met exacte wetenschap te maken (wordt vervolgd).

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen