28 juni 2015

Bart van Urk: meestal niet gevaarlijk (volgens de GGZ)

Wie een beeld wil krijgen van de staat van de geestelijke gezondheidszorg (ggz) in Nederland, moet zeker het onderzoekrapport van de commissie Hoekstra lezen. Deze commissie heeft de gang van zaken rond de rechtelijke behandeling van Bart van Urk gereconstrueerd. De ggz blijkt daar een belangrijke rol bij te spelen. Lees bijvoorbeeld bladzijde 183-192 van het rapport. Van Urk wordt op 17 oktober 2013 in verwarde toestand aangehouden bij de IsraĆ«lische ambassade in Brussel. Hij wordt opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, maar Van Urk werkt niet mee en ‘neemt de benen’. Inmiddels terug in Rotterdam gooit hij in de vroege ochtend van 30 januari 2014 (niet-aangestoken) vuurwerk over de receptiebalie van het hoofdbureau van politie. Hij dreigt ‘strafbare feiten’ te gaan plegen als hij niet aangehouden wordt. De ggz komt er bij en die concludeert “dat Van U. geen gevaar voor zichzelf of voor anderen zou zijn.” Na de moord op Els Borst op 10 februari 2014 ging Van Urk vuurwerk afsteken bij het politiebureau in Amersfoort, waarvoor hij werd opgepakt. Opnieuw kwam de ggz er bij, maar (blz. 189) die vond dat er ‘geen psychiatrisch kader’ was voor gedwongen opname. Na tussenkomst van de ouders van Bart van Urk, die aandacht probeerden te krijgen voor de slechte geestelijke gezondheid van hun zoon, wordt er alsnog een psychiater bij gehaald. Deze verklaart dat er een “ernstig vermoeden bestaat dat [Van U.] lijdt aan een stoornis van geestvermogens met een onmiddellijk dreigend gevaar” (blz. 191). Van Urk komt in een psychiatrisch ziekenhuis terecht. Daar concludeert een arts dat Van Urk geen ‘gevaarzettend’ gedrag vertoont. De rechter laat Van Urk daarop vrij. Een klein jaar later vermoordt hij een van zijn zussen. Hij wordt ook verdacht van de moord op Els Borst.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen