10 april 2015

Nico Tromp (huisarts): plat gewalst door IGZ en OM, II

We zagen dat er op 31 maart jl. een evaluatierapport (hierna: het Rapport) is verschenen van de zaak Nico Tromp, de huisarts die zelfmoord pleegde na door zowel het OM als door de IGZ uit zijn huisartsenpraktijk te zijn gezet. De nieuwbakken minister van justitie herhaalde op de persconferentie de woorden die in het Rapport op blz. 35 staan vermeld: “Het [OM] heeft het strafrechtelijk onderzoek goed georganiseerd, voortvarend en zorgvuldig verricht, waarbij (…) op meerdere momenten rekening is gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de huisarts”. Hij was kennelijk blij dat zijn eigen dienst zo’n mooie pluim van de evaluatiecommissie kreeg. Het zou mijn oordeel niet zijn, na lezing van dezelfde tekst als de minister (en de commissie). Het is waar dat het ‘opsporingsteam’ van het OM, dat huiszoekingen zou doen in de woning en de praktijk van huisarts Tromp, het bijna middernachtelijk uur van maandag 26 augustus daarvoor had uitgekozen om niet de hele dorpsgemeenschap te alarmeren. Zo zou de reputatie van de huisarts niet onnodig beschadigd worden. Hoewel de commissie op blz. 22-24 van het Rapport dappere pogingen doet de onaangekondigde doorzoeking te rechtvaardigen, blijft bij mij het gevoel overheersen dat die buitenproportioneel was. De commissie beweert bijvoorbeeld dat als de doorzoeking zou zijn aangekondigd het “bewijsmateriaal zou worden weggemaakt of anderszins verloren zou gaan.” Bij een ‘normale’ moord lijkt me dit een valide argument. Dan gaat justitie op zoek naar het wapen waarmee de moord is gepleegd. Het ‘levensdelict’ (zoals de commissie dat noemt) waar hier sprake van is, was echter ‘gepleegd’ met morfine. Artsen zijn verplicht morfine in voorraad te hebben voor hun patiĆ«nten. En wat trof het opsporingsteam aan? Morfine van overleden patiĆ«nten (in strijd met de Opiumwet, zoals het IGZ later triomfantelijk zal beweren)! wordt vervolgd.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen