04 april 2015

Gerrit Zalm (ABN AMRO): hoe goed of slecht was hij? IV

We zagen dat Gerrit Zalm al veilig bij ABN AMRO zat toen de DSB-bank van Dirk Scheringa ten onder ging, eind 2009. Zalm zou echter niet bij ABN AMRO kunnen blijven als zou blijken dat hij niet integer had gehandeld bij DSB. Volgens De Nederlandsche Bank (DNB) had Zalm onvoldoende gedaan om de klanten van DSB te beschermen. Toch mocht hij baas van ABN AMRO blijven van DNB. Dat was niet zo’n verwonderlijk oordeel, omdat DNB een jaar eerder, eind 2008, de regering toestemming had gegeven om Zalm als bestuursvoorzitter van ABN AMRO te benoemen. Als DNB dat oordeel in 2009 had moeten herzien, zou dat een grote reputatieschade voor DNB betekend hebben. De Autoriteit FinanciĆ«le Markten (AFM), vond, op basis van dezelfde feiten, wel dat Zalm weg moest. Dus was de stand 1-1. De minister van financiĆ«n benoemde toen een commissie onder leiding van Michiel Scheltema om het definitieve oordeel over Zalm te vellen. Scheltema en Zalm kenden elkaar. Dit zei Zalm in 2004 over Scheltema bij het afscheid van de laatste als voorzitter van de wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR): “Dames en heren, vanmiddag nemen we afscheid van de beul van dat gezelschap [de WRR]: Michiel Scheltema. Waarbij ik meteen wil aantekenen, Michiel, dat je de meest beminnelijke beul bent die je je als regering kunt wensen. (…) ik hoop van harte dat we je (…) zullen blijven ontmoeten. Want jouw genuanceerde onderscheidingsvermogen zijn ons bijzonder lief geworden. Dank je wel voor alles, en we houden contact.” De heren tutoyeerden elkaar, kennelijk, en het “genuanceerde onderscheidingsvermogen” van Scheltema was Zalm “bijzonder lief” geworden. Alsof Zalm toen al wist dat de “beul” Scheltema zes jaar later bijzonder “beminnelijk” zou zijn bij zijn oordeel over Zalm. (wordt vervolgd)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen