18 april 2014

Henk Wesseling (historicus): “niks mis met Peter Nijkamp”

Wij spraken onlangs over de ‘eminente’ historicus Henk Wesseling die in een interview met De Volkskrant spreekt over de “borstklopperij en opschepperij van onze universiteiten”. In dat interview bleek dat hij, lid van de ‘prestigieuze’ Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen’, niet wist dat  Gerard ’t Hooft zowel de winnaar van de Spinozapremie als de Nobelprijs was. Foutje, kan gebeuren, maar dan begint hij over Peter Nijkamp. Volgens Wesseling wordt Nijkamp omdat hij expert is op een “gebiedje” in de economie door allerlei tijdschriften gevraagd stukjes te schrijven. “Dan ligt het voor de hand dat je iets wat je al eens goed hebt opgeschreven overschrijft. Ik kan totaal niet inzien wat daar mis mee is.” Dit is de soort verdediging die Nijkamp ook voor zichzelf heeft opgeworpen. Het argument is dat je bij onderzoek voortdurend voortbouwt op bestaand onderzoek en dan moet je soms ook even een beschrijving van de onderste verdiepingen geven. Zo iets. Maar wat als die onderste verdiepingen nu eens zonder goede fundering zijn neergezet? Daar heeft Wesseling het niet over: Nijkamp is immers een ‘expert’. Weliswaar vindt Wessling het een probleem dat Nijkamp zoveel stukjes schrijft, maar hij gaat er kennelijk blindelings vanuit dat alle stukjes die Nijkamp schrijft goed zijn. Hoe weet Wesseling dat? Dat weet hij niet, want hij heeft Nijkamp niet gelezen. Wesseling gaat daar vanuit, omdat Nijkamp zoveel stukje gepubliceerd krijgt. Dat hier wel eens sprake zou kunnen zijn van het Mattheus-effect, wil er bij hem niet in. Nijkamp schreef vanaf het begin van zijn carrière heel veel. Daardoor kwam hij op citatielijstjes, niet noodzakelijk omdat wat hij schreef zo goed was. Zijn reputatie heeft hij verdiend door veel te schrijven, desnoods door zichzelf steeds opnieuw over te schrijven.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen