28 februari 2013

Jasper S.: wel of niet in de war?

Het is in het Nederlandse strafrecht vrijwel uitgesloten om levensgevaarlijke mensen van de maatschappij uit te sluiten. Het door de rechter toekennen van tbs na afloop van een straf is in feite de enige mogelijkheid. Dan moet het duidelijk zijn dat de desbetreffende misdadiger psychische/psychiatrische problemen of afwijkingen heeft die behandeling in een tbs-kliniek rechtvaardigen. Jasper Steringa is in 2009 veroordeeld voor diefstal van de auto van de buurman. Hij wilde er mee naar de hoeren in Groningen gaan. Bij de rechtszaak oordeelde een psychiater dat S. zijn daad pleegde zonder te beseffen wat hij deed en zonder oog te hebben voor de gevolgen. Steringa was ernstig in de war geweest. Of in wat meer juridische termen: hij was ontoerekeningsvatbaar. Als er sprake zou zijn geweest van een moord, had tbs aan de orde kunnen zijn, maar het was een relatief onschuldig vergrijp. Hij kwam er met een lichte straf vanaf. Tien jaar eerder had hij Marianne Vaatstra vermoord. Weer zijn er psychiaters aan te pas gekomen. Die hebben nu geconcludeerd dat S. bij de moord in 1999 volledig bij zijn positieven was, dus wel volledig toerekeningsvatbaar. Ik heb het rapport natuurlijk niet gelezen en ik ben ook geen psycholoog of psychiater. Vreemd is het echter wel dat verschillende psychiaters tot tegenstrijdige conclusies komen bij eenzelfde persoon. Weten we nu wel of niet of Jasper S. toerekeningsvatbaar was bij het plegen van zijn misdaden? Kan de ‘echte’ psychiater misschien opstaan en daar een antwoord op geven?

1 opmerking: