01 december 2012

Bas Haring (VII): telt zijn geld

Zelf ben ik econoom, eigenlijk econometrist, maar geld vind ik een oninteressant onderwerp, ook al is geld een geniale uitvinding van de mensheid. Dankzij geld kunnen we gewoon naar de winkel lopen om te kopen wat we willen (en kunnen, natuurlijk). Voordat er geld was moesten we op zoek gaan naar iemand die precies had wat we wilden en die ook nog precies wilde wat wij aan te bieden hadden. Ingewikkeld. In zijn stukje gisteren in De Volkskrant over economie vroeg Bas Haring zich af waarom we wel heel goed ons geld tellen, maar niet de sneetjes brood en de roomboter die we gekocht hebben. Die sneetjes brood en de roomboter zijn waardevol terwijl geld helemaal geen waarde heeft, maar alleen maar verwijst naar iets dat wel waarde heeft, zoals die sneetjes brood. Goede vraag, maar het antwoord is simpel. Het is moeilijk om al onze waardevolle spullen bij elkaar op te tellen. Dan wordt het appels en peren met elkaar vergelijken. We kunnen niet 3 appels en 2 peren bij elkaar optellen. We kunnen wel 3 biljetten van 5 euro en 2 biljetten van 10 euro bij elkaar optellen. Hoe kunnen we dus onze waardevolle spullen wel optellen? Door het eerst in geld om te zetten! Briljant! We vermenigvuldigen onze appels en peren met de prijzen van appels en peren, tellen de bedragen op en we hebben de waarde van onze spullen (althans, maar dit is voor de fijnproevers, we hebben een ondergrens voor die waarde omdat er ook nog een consumentensurplus is). Die optelling doen we overigens alleen bij zeldzame gebeurtenissen; bijvoorbeeld als we de inboedelverzekering willen aanpassen, als we gaan scheiden, als ons huis is afgebrand, of als we zijn overleden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen