09 november 2012

Bas Haring (IV): over banken

Vandaag heeft hij het op de wetenschapspagina van De Volkskrant over banken. Banken bestaan al eeuwen, dus net als andere eeuwenoude beroepen, kan het beroep van bankier niet ingewikkeld zijn, denkt Haring. Maar wat is een bank? Toch gewoon een instelling waar je geld naartoe brengt als je het over hebt en waar je geld leent als je tekort komt. Of niet soms? Haring vroeg het aan een economiedocent, maar die wist het niet: “In een ideale wereld zouden banken niet hoeven bestaan. Dan zouden zij die geld overhebben het direct kunnen uitlenen aan hen die het nodig hebben.” Dat was een wat dommige uitspraak, dat zag Haring waarschijnlijk ook wel in en dus ging hij aan een bankdirectie vragen wat een bank is. De bankiers zeiden: “(…) wat bankiers goed kunnen, is weten aan wie je wel en aan wie je beter niet kunt uitlenen.” Dat lijkt er inderdaad meer op, maar is niet helemaal waar: bankiers lenen niet altijd geld uit aan de juiste personen. Dat is al eeuwen het probleem van banken. Begin 14e eeuw gingen een aantal Florentijnse banken failliet omdat hun belangrijkste klanten, de koning van Engeland en van Napels, hun leningen niet terug konden (of wilden) betalen. De beroemde familie de Medici, ook uit Florence, werd echter in dezelfde eeuw schatrijk en machtig door te bankieren. Spreiding van het risico was hun geheim. Aan overmatige en vooral ondoorzichtige spreiding van het risico hebben we echter weer wel de kredietcrisis te danken. Het beroep van bankier is misschien toch wel ingewikkeld.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen