04 november 2012

Bas Haring: filosoof, nog geen econoom, IIIb

Het stukje van Bas Haring over het belang en de noodzaak van economische groei in de wetenschapsbijlage van De Volkskrant van 2 november telde drie beweringen. Bewering één: de noodzaak van economische groei is voor (academische?) economen vanzelfsprekend. We weten al dat dit niet waar is: de economische wetenschap begrijpt eigenlijk niet veel van economische groei, zie hier. De tweede bewering was dat de economie groeit omdat we rijk willen worden om onze leningen te kunnen terugbetalen, of zoals Haring schrijft: “Misschien moeten we groeien omdat we in het verleden geleend hebben in de veronderstelling dat we zouden groeien.” Deze bewering is zeker geen academisch-economisch hoogstandje. Stel dat we allemaal denken dat we gaan groeien en dus geld gaan lenen, van wie moeten we dan geld lenen? Van iemand die spaart. Zo’n iemand is er helemaal niet, volgens de Haring-hypothese, want iedereen wil lenen omdat het geleende geld later met gemak terugbetaald kan worden door de groei die iedereen verwacht. Maar als iedereen wil lenen, kan er niemand lenen en kan er dus ook geen economische groei zijn. Kortom, Bas moet terug naar de economieklas. En dan hebben we het nog niet eens over bewering drie gehad. Die ging er over dat je alleen maar het aantal spullen hoeft te tellen dat we kunnen kopen om een indicatie van de groei te krijgen. Ik stel voor die bewering met de mantel der liefde bedekken.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen